maandag 26 maart 2012

Eerste leerjaar

Hij komt samen met zijn klasgenoten nieuwsgierig het lokaal binnen gewandeld. Zijn vriendjes zien hun ouders helemaal achteraan meteen zitten en wuiven enthousiast. Hij is zo druk bezig met het absorberen van deze interessante nieuwe omgeving dat hij me niet eens opmerkt. Hij neemt plaats aan een bankje op de eerste rij en zijn vriendinnetje gaat als een echte moederkloek onmiddellijk naast hem zitten. Ik zie een ontspannen glimlach om zijn mond verschijnen wanneer hij aandachtig de talrijke letters en woordjes aan de muren van het klaslokaal bekijkt. Hij kan de meeste letters al lezen van toen hij nog maar tweeënhalf was en ondertussen leest hij ook al woorden. Hier voelt hij zich duidelijk in zijn nopjes. Het is de eerste keer dat hij samen met zijn leeftijdgenootjes een bezoek brengt aan het eerste leerjaar. Volgend schooljaar zal hij hier leren lezen, schrijven en rekenen en zal zijn leven als kleuter voorgoed voorbij zijn. Ik voel een krop in mijn keel opkomen wanneer ik hem daar zo flink aan zijn werkbank zie zitten. Hij zit mooi rechtop en kijkt nu vol verwondering naar het grote schoolbord recht voor hem. Vandaag leren de kleuters al een eerste woordje lezen. 'V - I - S' spelt de juf klaar en duidelijk. In koor zeggen alle kinderen haar na. Ik zie zijn ogen glinsteren terwijl hij enthousiast mee spelt. Woordjes spellen en lezen kan hij al een hele tijd. Dit is bekend terrein. Het hele lesuur doet hij enthousiast mee. Hij steekt geregeld zijn vinger in de lucht, loopt zonder aarzeling naar het bord wanneer hij de eerste letter van zijn naam mag gaan aanwijzen, werkt geconcentreerd in zijn werkboekje, ... en ik kan toekijkend van op de achterste rij nog amper mijn tranen bedwingen. Een heleboel zorgen glijden van me af. Wat is het mooi om hem zo te zien genieten. Zijn ogen knipperen wat vaker dan normaal, hij wiebelt geregeld met zijn neus en haalt voortdurend ongecontroleerd zijn schouders op, maar zijn glimlach blijft. Wanneer de juf een opdracht aan de hele klas geeft, zie ik hem aandachtig luisteren, maar dat de boodschap ook voor hem werd bedoeld lijkt hij niet te begrijpen. Spreekt de juf hem persoonlijk aan, dan gehoorzaamt hij meteen. Ik heb er vertrouwen in dat ze mijn 'zoon met een gebruiksaanwijzing' goed zal begeleiden en ik verlaat samen met de andere ouders glimlachend het klaslokaal.


Thuisgekomen kruipt hij zoals steeds meteen voor een halfuurtje achter de computer, zijn ultieme manier om te ontspannen na een vermoeiende schooldag. Wanneer zijn wekkertje het einde van het halfuur aangeeft, wil hij graag tekenen. Hij wijst een van zijn tekeningen aan de muur aan en vraagt me of hij dezelfde tekening nog eens mag maken. Ik zie plots een zekere spanning in zijn lijfje ontstaan en hij kijkt me aan met een bedrukte blik. 'Oké, dat is een goed idee', zeg ik zo opgewekt mogelijk. 'Nee,' blaft hij me toe, 'jij moet dat anders zeggen!' Alle spanning van deze ochtend lijkt er nu te moeten uitkomen. Zijn verlangen naar controle en voorspelbaarheid neemt de bovenhand en ik weet dat ik erg op mijn hoede moet zijn om hem nu niet in het rood te laten gaan. Hoopvol kijkt hij me aan. 'Hoe wil je dat ik het zeg?' vraag ik voorzichtig. Stampvoetend keert hij zijn rug naar me toe. 'Nee, nu moet ik helemaal opnieuw beginnen!' Hij stapt weer naar de plek waar hij oorspronkelijk zijn vraag stelde, kijkt me verontwaardigd aan en vraagt me opnieuw of hij de tekening nog eens mag maken. Nog steeds weet ik niet welk antwoord van me verlangd wordt en bovendien staat er nu ook een zeurende driejarige bij me die stilaan ook wat aandacht verdient. 'Ja, je mag die tekening maken', richt ik me nogmaals tot hem. Hij laat zich huilend op de grond vallen. 'Nu moet ik het wéér vragen! Jij moet gewoon "ja" zeggen.' Ik kijk geduldig toe terwijl hij weer op dezelfde plek gaat staan en voor de derde keer zijn vraag stelt. Ik geef hem een duidelijke 'ja'. Hij loopt meteen naar zijn tekentafel en begint te tekenen alsof zijn leven ervan af hangt.

woensdag 21 maart 2012

Dé kaft van mijn boek!

Tadaaa, bij deze onthul ik met veel trots de definitieve kaft van mijn boek!


Het idee van de foto komt van mezelf. Mijn man blies geduldig alle ballonnen op; mijn zoon wist zijn zenuwen te beheersen onder de gigantische stapel en fotograaf (en tevens neef van mijn echtgenoot) Jelle Aarts hielp me aan een knappe foto. Tenslotte zette de uitgeverij ontwerper Jan Hendrickx aan het werk om er uiteindelijk deze mooie kaft van te maken. En o ja, ik ben natuurlijk heel erg trots!

Vandaag viel de zomerbrochure van de uitgeverij in mijn bus en daarin worden er maar liefst twéé pagina's gewijd aan mijn boek... De brochure werd gedrukt op 3000 exemplaren (wauw).


Morgen wordt het boek (samen met enkele andere nieuwe boeken) aan de pers voorgesteld... Spannend! Jammer genoeg kan ik er zelf niet bijzijn.

Verder staat er nu ook een pagina over mijn boek op de website van de uitgeverij: http://www.houtekiet.com/boeken/p/detail/zoon-met-een-gebruiksaanwijzing

En ik sta natuurlijk ook bij de auteurs vermeld: http://www.houtekiet.com/auteurs/p/detail/linden-eva-van-der

Het boek zelf zal waarschijnlijk tegen september in de winkel liggen. Nog even geduld dus...

Momenteel voelt dit alles nog wat surreëel aan, maar ik vind het natuurlijk superleuk én spannend!

maandag 5 maart 2012

Cupcakes

Onze zelfgebakken cupcakes zijn net uit de oven en hun heerlijke geur vult de kamer. De kinderen staan al te popelen om ze te mogen versieren. Ik maak wat glazuur, zet drie potjes suikerdecoratie klaar en plaats de nog lauwe cakejes op tafel. De twee broers grabbelen gretig en geroutineerd een cakeje van de rooster en mijn oudste demonstreert met een zelfbewuste glimlach de 'making of' van een gedecoreerde cupcake. Zijn vriendinnetje kijkt met grote ogen en een bewonderende lach toe. Het is de eerste keer dat dit meisje bij ons komt spelen en om plezier te garanderen heb ik naar goede gewoonte mijn bakspullen bovengehaald, kwestie van het ijs wat te breken. Al was dat in dit geval niet meteen aan de orde: mijn zoons klasgenootje voelde zich vrijwel meteen helemaal thuis en de broers toonden haar maar wat graag welke ongelooflijk coole spullen ze zoal bezitten. Zoals steeds decoreert mijn oudste eerst een cakeje voor zichzelf, waarna hij aankondigt er een voor mama en een voor papa te zullen maken. Nadat deze zijn afgewerkt en uitgedeeld, begint hij weer aan een cupcake voor zichzelf. Zo verliep het de allereerste keer en toen werd ook meteen het scenario uitgestippeld voor alle volgende keren. 'Ik heb een cakeje voor jou versierd', richt zijn vriendinnetje zich geamuseerd tot hem. Verbaasd kijkt hij naar de cupcake die ze zonet op zijn bord heeft geplaatst. Een verlegen glimlach verschijnt om zijn mond. Ik voel een warme gloed door mijn lichaam gaan en vertederd moedig ik hem aan om op zijn beurt ook een cupcake voor haar te decoreren. Verward kijkt hij mijn richting uit. 'O maar... ah,' stamelt hij vol verbazing over dit nieuwe idee, 'kan dat dan ook?'

vrijdag 2 maart 2012

De mensen op straat

'Ik ben al klaar!' hoor ik zijn trotse stem klinken vanuit de gang. 'Wauw,' roep ik enthousiast terug, 'zo snel al! Dat heb je knap gedaan.' Ik grabbel vlug nog wat spullen bij elkaar in de woonkamer en ga naar hem toe. Met glinsterde ogen en een glimlach van oor tot oor kijkt hij me aan. Zijn jas is aan, zijn sjaal zit om zijn nek en zijn muts staat op zijn hoofd. Doorgaans verloopt dit alles tergend traag en bijzonder moeizaam en zijn we vaak al enkele minuten - en heel wat gezeur van mama of papa - verder voor hij eindelijk klaar staat om te vertrekken. Dit keer volstond één enkele vraag om hem tot actie te laten overgaan en ik kan dus niet anders dan tevreden lachen als ik hem zo volledig uitgedost in de gang zie staan. Nu ja, bijna volledig... 'Je hebt dat super goed gedaan,' complimenteer ik hem nogmaals, 'maar je bent denk ik nog één iets vergeten.' Vragend kijkt hij me aan. 'Kijk eens naar je voeten... Je kan toch niet op je sokken naar buiten,' zeg ik lachend, 'dan zal je erg koude voeten krijgen en dan zullen de mensen op straat je ook raar aankijken hoor.' Ik zie een gefronste wenkbrauw verschijnen. Met grote ogen kijkt hij vervolgens naar me op en vraagt hij: 'En de mensen op het voetpad? Zullen die ook raar kijken?'

Hoezo, hij neemt de taal vaak te letterlijk?

donderdag 1 maart 2012

Vliegtuig

Om ter drukst rennen de broertjes door de kamer. Ze hebben allebei een speelgoedvliegtuig in de hand en racen erop los. 'Zoef, zoef, brrrrrrrrrrr, iiiiiieeeee' Hij gaat helemaal op in zijn spel en geniet er zichtbaar van hoe kleine broer al zijn geluiden en manoeuvres netjes imiteert. Daarbij verwoordt hij precies wat zijn vliegtuig doet, waar het naartoe vliegt en welke hindernissen het nog zal moeten nemen. 'Hallo, ik ben een vliegtuig. Wie ben jij?', hoor ik kleine broer ondertussen piepen. Hij neemt er een auto bij en met diepe stem zet hij de dialoog enthousiast verder. Grote broer kijkt verrast op. Met verbaasde stem spreekt hij zijn broertje toe: 'Kan jouw vliegtuig ook práten?'


Aan fantasie heeft hij geen gebrek, zou je op het eerste gezicht misschien denken. Maar kijk je verder, dan zie je een duidelijk verschil in diepgang tussen de broers hun fantasiespel. Hij kan zich perfect inbeelden dat de stoelen een muur vormen en dat de auto daartussen dan een schuifdeur wordt. Wil kleine broer de kamer omtoveren volgens diens fantasie, dan wordt het al heel wat moeilijker. Maar het wordt pas echt ingewikkeld als stukken speelgoed hele conversaties houden. Anticiperen, gepast reageren, rekening houden met gedachten en gevoelens, ... Communicatie is voor hem in het échte leven al complex genoeg.